Turkse koffie
Een zoete, geparfumeerde koffie met een volle body
Ibrik
Vermoedelijk ontstaan in Cairo in de 16e eeuw en die vandaag de dag gedronken wordt in heel het Midden-Oosten.
Turkse koffie dankt zijn specifieke geconcentreerde karakter aan de bijzondere bereidingswijze: water, suiker en koffiepoeder worden vermengd en enkele koffie- en suikerdeeltjes blijven achter in de uiteindelijke koffie, die een dichte en stroopachtige textuur heeft.
De echte Turkse koffie wordt bereid in een ibrik, een speciaal kannetje van koper of messing met een lange steel.
De koffie wordt gedronken in kleine en lage kopjes.
Het is belangrijk dat de koffie gelijkmatig en zeer fijn gemalen wordt, tot hij een echte poedervorm krijgt. Dit gebeurt handmatig met een koperen koffiemolen.
1. Doe per kopje twee koffielepeltjes koffiepoeder in de ibrik.
2. Voeg per kopje een tot anderhalf koffielepeltje suiker toe, naargelang de gewenste zoetheid.
3. Voeg de aangewezen hoeveelheid water toe (een kop water per koffiekopje) en meng alles goed zodat de suiker zich kan oplossen.
4. Verwarm het mengsel op een vuur. Zodra de koffie kookt, zal deze beginnen te schuimen. Wanneer het schuim tot aan de rand komt, neemt u de ibrik van het vuur.
5. Voeg met een koffielepeltje aan ieder kopje een beetje schuim toe. Zet de koffie daarna opnieuw op het vuur en wanneer hij opnieuw begint te koken, neemt u de ibrik van het vuur en giet u de koffie in de kopjes.
6. Wacht nog heel even met drinken totdat het poeder naar de bodem gezonken is.
In veel landen worden aan Turkse koffie kruiden als kardemom of kaneel toegevoegd. Indien u dit ook een keer wilt proberen, voeg dan de fijngemalen kruiden aan het water, de suiker en het koffiepoeder toe voor u de ibrik op het vuur zet.
